WEEK 6 2 FEBRUARI 1998
Column "De digitale reiziger"

Light-rail

Op een mooie pinksterdag besluit ik, omdat ik toch niets anders om handen heb, even naar station Lammenschans te lopen. Ik moet nog een NS-reisplanner kopen. Immers: vandaag is de nieuwe dienstregeling ingegaan.

Als ik de steile trap naar het perron heb beklommen, loopt net een fonkelnieuwe, helblauwe sneltram binnen. Het is lijn 20 en hij gaat naar Utrecht. Plotseling herinner ik me dat vandaag de eerste exploitatiedag is van de lightrailverbinding Leiden - Utrecht, tot stand gekomen na jarenlang gesteggel tussen provincie, NS, ZWN, het ministerie, de vakbonden, boze boeren, boze buren, boze busreizigers en -chauffeurs, krenterige ministeressen en noem maar op wie in onze stroperige democratie de vooruitgang kunnen blokkeren.

Ik stap in. Mooie, comfortabele trams, dat wel. Het tempo valt tegen. Met zo'n vaartje van 40, 50 kilometer per uur sukkelen we oostwaarts. Op het balkon wordt een jongeman bekeurd voor het reizen zonder geldig plaatsbewijs. Met schrik bedenk ik, dat ik ook geen kaartje gekocht heb. Gelukkig remt de tram af voor het eerste station, Rijnzathe. We rijden het dorpje binnen. De halte ligt aan een singel. Ik stap uit.

Wonderlijk: ik ken alle hoeken en gaten van Nederland en nu blijkt er, op vijf kilometer van mijn woonstede, een dorp te bestaan waar ik nog nooit van gehoord heb. Een klein dorp weliswaar, maar toch compleet met kerk, kroeg, wijkcentrum, muziektent en het silhouet van graansilo's aan de einder.

Er heerst een feestelijke stemming in Rijnzathe. Geen wonder. Voor het eerst in zijn 750-jarig bestaan heeft het vlekje een aansluiting op railvervoer. In de straten van het oord zie ik diverse ROVER-coryfeeën rondlopen, borst vooruit, met een arrogante uitdrukking op het gezicht, alsof zij persoonlijk verantwoordelijk zijn voor de komst van de light-rail naar Rijnzathe. Daar ik ontmoetingen met deze coryfeeën tracht te vermijden, krijgt mijn wandeling iets gecompliceerds.

In de bibliotheek die, ondanks protesten van de SGP, op zondag is opengesteld, bestudeer ik een folder over lijn 20. De tram in de andere richting, naar Leiden, heet overigens lijn 10. De blauwe trams stoppen niet alleen te Rijnzathe, maar ook in Hazerswoude, Zwammerdam, Nieuwebrug aan den Rijn, Waarder, Barwoutswaarder, Woerden West, Harmelen en Putkop. Een ritje naar Utrecht zal op die manier neerkomen op een wereldreis. Eén uur en tien minuten, schat ik. Ik herinner me gelezen te hebben, dat er geen sneltrein zal rijden tussen Leiden en Utrecht. Ik ontsteek in een heftige toorn. Hier moeten boze brieven over geschreven worden, vind ik, maar zie bij voorbaat op tegen de moeite. Het helpt toch niet. Dan maar niet meer naar Utrecht.

Ik neem de tram terug. Er is geen kaartjesautomaat op de singel, zodat ik gedwongen ben tot zwartrijden. Wat raar allemaal. Het is dat ik klaarwakker ben, anders zou ik gaan denken dat het een droom was.

Even later ontwaak ik doordat al mijn buren tegelijk beginnen met het verrichten van boor- en timmerwerkzaamheden. Het is zaterdagmorgen en het is nog betrekkelijk vroeg. Terwijl ik naar het toilet wankel, verzucht ik dat je in dit bestaan nergens zeker van kunt zijn, zelfs niet van waken of dromen.

De digitale reiziger

31 januari 1998

Column Frans Mensonides

Leve de koningin!

Is het heel erg rechts om tegen de republiek te zijn? En zo ja: is dat erg? Prangende vragen die me achtervolgen op een zonnige zaterdag in januari.

Koningin Beatrix viert deze dagen haar zestigjarig bestaan met een feestje in onze, wat zeg ik... in haar hoofdstad. Groot gelijk: je wordt maar één keer zestig en ook een vorstin wil wel eens uit de band springen.

Allerlei kleingeestige lieden misgunnen de majesteit dit pleziertje. Eén van hen verklaarde gisteren in het journaal terug te verlangen naar de tijd, dat er nog flinke rellen georganiseerd werden als het koninklijk huis zich in Amsterdam durfde vertonen. Deze republikein was, achttien jaar na dato, nog steeds bijzonder trots op zijn deelname aan de kroningsrellen. Op archiefbeelden zagen we hem en zijn kornuiten bezig, een ouderwets aandoende, diepblauwe arrestantenbus te bekogelen met stenen en brokken asfalt. Tevens werd een tramhuisje met de grond gelijk gemaakt zodat al die reactionaire trampassagiers, die vijanden van de revolutie, voorlopig in de regen moesten staan. Wees er maar groots op.

In het leven moet men soms van twee kwaden kiezen. Ook een president is gemiddeld eens per jaar jarig. En probeer je het eens in te denken, nee echt in te denken! President van Agt. President Wiegel. President Bolkestein. President Kok. Presidente Sorgdrager. Of, als overtreffende trap van afstotelijkheid: President van Mierlo, een man die nu al kijkt of hij het leed van heel de natie op de schouders torst.

Denk het je eens in, nee echt in, welke mensen voor staatshoofd in aanmerking komen als deze functie straks openstaat voor lieden zonder koninklijk bloed. En roep dan, samen met mij, de titel van dit stukje. Ik tel tot drie...

Frans Mensonides

31 januari 1998