Amsterdamse metro-Polen en Rotterdamse boerenlullen;
metrotunnels gestremd!

Nederland telt 21 kilometer metrotunnel (Zo weinig maar? Heb ik ze allemaal wel meegeteld? Ben ik niet ergens een tunneltje vergeten? Dat kan best, want bij de eerste telling kwam ik maar tot 17). Van die 21 kilometer is dit jaar in de zomervakantieweken een derde buiten dienst; het vaderlandse metrowezen van zijn hart beroofd!

GVB Amsterdam doet het zonder het kerntraject Amsterdam Centraal – Amsterdam Amstel. En bij de RET is op de Erasmuslijn het traject Rotterdam CS – Wilheminaplein buiten dienst. Ik ging Pools-hoogte nemen om te zien hoe onze enige twee wereldsteden het rooien zonder hun ondergrondse. Zou bovengronds de verkeerschaos losbreken waartegen die metro’tjes ooit zijn bedacht en aangelegd?



Veel belangstelling voor de pendelbus bij de halte Weesperplein


ÉÉN ZON? POOLSE CHAUFFEURS BIJ HET GVB

GVB-informatie over de stremming:

Amsterdam viert de dertigste verjaardag van zijn enige metrotunnel met een buitendienststelling voor hoogstnoodzakelijk groot onderhoud. Dat duurt van 30 juni t/m 17 augustus, zeven weken lang. Inderdaad: de 3800 meter lange verbinding tussen Amsterdam Centraal en Amstel is de enige metrotunnel van betekenis in onze hoofdstad, een paar heel korte onderdoorgangetjes in het zuiden en zuidoosten van de stad daargelaten. De tweede, op de Noordzuidlijn, is al heel lang in aanleg; al jaren horen we dat ze er binnenkort voor gaan boren.

De buitendienststelling betekent een flinke aderlating voor het hoofdstedelijke metroverkeer. Alleen metro 50 (Isolatorweg – Gein) rijdt zijn volledige route. Lijnen 53 en 54 zijn ingekort tot het traject Gaasperplas – Amstel, resp. Gein – Amstel. En omdat het op Amstel te druk zou zou worden met ook nog de Amstelveenlijn erbij (lijn 51: Westwijk – CS), is die lijn ingekort tot station Spaklerweg bij de Bijlmerbajes.

Normaliter maken zo’n 100.000 reizigers per dag gebruik van de enige echte Amsterdamse metrotunnel. De helft van die menigte is op vakantie. De andere helft wordt verdeeld over bus, tram en trein. Zes treinen per uur rijden er tussen Amstel en Amsterdam Centraal, het is bijna metrofrequentie. Je mag gewoon met je strippenkaart en sterabonnement de trein in, zegt de folder. Dag mag trouwens altijd, ook als de metro niet gestremd is.

Reizigers uit Amstelveen kunnen bij Amsterdam RAI of Zuid overstappen op de tram, die in iets hogere frequentie rijdt dan normaal in de zomer. En tussen Amstel en Centraal heeft het GVB een pendelbus ingezet. Daarmee is iets bijzonders aan de hand: die gelegenheidsbuslijn, nummer 59, wordt gereden door Poolse chauffeurs. Een apart idee; ik weet niet wat het GVB ertoe gebracht heeft; Poolse werknemers associeer je eerder met de bollenteelt en zo.

Levert dat dan geen moeilijkheden op met de taal? Ja, dat was voorzien, en daarom rijdt op elke bus ook een Nederlandstalige GVB-functionaris mee, gekleed in geel hesje.

Aan de andere kant: in zo’n bus kun je toe met een beperkt vocabulaire. Er zijn bijvoorbeeld ook in Amsterdam geboren en getogen chauffeurs die ‘goedemiddag’ en ‘goedemorgen’ niet uit hun strot krijgen. ‘Eén zon?’, vraagt de Pool me, als ik bij mijn eerste ritje mijn strippenkaart voor hem neerleg. ‘Ja, doe me maar een zon’, zeg ik jolig, ‘daar hebben we wel behoefte aan’ (dit is nou net een verschrikkelijke regendag).

Inderdaad: deze pendelbus rijdt maar in één zone, en verder wil ik niet; ik wil alleen maar een paar keer heen en weer. Hij kent een rechttoe, rechtaan route, die de gastarbeiders zich snel eigen gemaakt hebben, en slechts vijf haltes. Behalve bij het begin- en eindpunt stopt de bus op de Wibautstraat en bij het Weesperplein bij de gelijknamige metrostations, en op een halte langs een lange, brede straat, ergens in de buurt van het Waterlooplein.

Die weinig wendbare gelede bussen komen niet in de krochten rond de Nieuwmarkt. Dat metrostation is bereikbaar met een pendelbusje vanaf Amsterdam Centraal. Ik heb hem maar niet genomen; hij is vooral bedoeld voor hoogbejaarden en kreupelen van been, en daar moet je dan maar weer voor opstaan…

In de gelede bussen op lijn 59 kun je ook niet altijd zitten. Ze rijden elke 7,5 minuut. Dat is natuurlijk te weinig, zeker in de spits. Dan wordt het proppen en rijden die hete bussen overvol door Amsterdam. Een ongemak dat tot mijn verbazing zonder gemopper wordt geaccepteerd.

Een ritje duurt ook niet al te lang; gemiddeld zo’n minuut of 17, slechts tien minuten langer dan met de metro. Wat een klein metropooltje is Amsterdam eigenlijk maar; veronderstel dat Parijs zijn hele metroverkeer zou stilleggen binnen de périférique, of Londen binnen de Circle Line… Zet dan maar eens bussen in!

Alles komt tegelijk in Amsterdam, deze zomer. De IJtunnel is afgesloten voor het autoverkeer. Maar daardoor is er misschien minder verkeersdruk in het centrum. Auto’s moeten helemaal omrijden via de Ringweg en dus met een wijde boog om de binnenstad heen.

Toch vraag je je af, waarom er niet wat meer bussen zijn ingezet, om bijvoorbeeld een vijf-minutendienst te kunnen rijden. Maar dan hadden ze misschien ook nog chauffeurs moeten werven in de Oekraïne en Tsjetsjenië.

Nog een paar foto’s:

Informatiebord bij CS


Informatiebusje op een verregend stationsplein


Eveneens verregend informatiepersoneel. Achter het stuur een Poolse chauffeur.


Redelijk volle bus bij het Waterlooplein


Bij Amstel. Al die troep moet ook mee.


Had het niet beter per boot gekund, uiteindelijk, al met al?


RET, DAT IS WEER PET!

Rotterdamse stremmingsinformatie

 

In Rotterdam duurt de metrostremming slechts twee weken, van 28 juli tot/met 8 augustus. Dat is vermoedelijk te kort om te leren van gemaakte fouten, iets waar de PET toch al niet in uitblinkt, gezien de chipkaartflop.

De veertig jaar oude tunnel van de Erasmuslijn ligt eruit. Bij Rotterdam CS wordt gewerkt aan de aansluiting op de Hofpleinlijn die eind 2009, begin 2010 eindelijk zijn route onder de wijk Blijdorp in gebruik zal kunnen nemen. Bij Leuvehaven en Beurs worden de wissels vervangen. De Erasmuslijn is dus ingekort tot het traject Spijkenisse – Wilhelminaplein op de zuidelijke Maasoever.

De Calandlijn rijdt wel; reizigers uit Hoogvliet, Spijkenisse en Schiedam kunnen dus per metro het centrum nog bereiken. Voor de overigen wacht de tram. Als vanouds rijden vanaf Wilhelminaplein de tramlijnen 20, 23 en 25 over de Erasmusbrug naar het centrum van de stad. Die drie lijnen rijden in de zomer in de streekbusfrequentie van 15 minuten en zitten dan al schandalig vol met passagiers die in Beverwaard of Carnisselanden willen wezen. Daarom heeft RET dat drietal aangevuld met een speciale pendeltram, lijn 1, Maashaven – CS.

Op de eerste dag van exploitatie kon je er bij station Maashaven al instappen, bij de halte die normaal alleen gebruikt wordt door lijn 2 (Charlois – IJsselmonde). Zoveel metroreizigers maakten van die mogelijkheid gebruik, dat de trams, aangekomen bij Wilhelminaplein, al boordevol zaten. De daar aanwezige wachtende menigte kon er niet meer bij. Enkele reizigers verloren hun Rotterdamse gemoedelijkheid en gingen flink uit hun knijter tegen het personeel.

De RET achtte het daarom noodzakelijk, de pendeltram in te korten tot het traject Wilhelminaplein – CS. Maar de trams rukken nog steeds in naar de Maashaven. Nu zagen de passagiers ze daar leeg voorbijrijden. En werden de passagiers richting Maashaven er bij het Wilhelminaplein uitgebonjourd, waarna de trams leeg doorreden naar Maashaven. Dat gaf op dinsdag minstens evenveel harde woorden als op maandag.

De gekortwiekte Erasmusmetro rijdt de hele dag in een zeer magere 7,5-minutenfrequentie (en maar eens per kwartier helemaal door naar Spijkenisse). Eens per 7,5 minuut komt er bij Wilhelminaplein dus een bulk passagiers naar boven. De pendeltram rijdt in de spits eens per drie minuten (in theorie; in praktijk valt er nogal eens een gat van vijf à tien minuten, zag ik). Vanzelfsprekend wordt de eerste tram naar CS bestormd door een paar honderd man. De tweede komt 3 minuten later voorrijden voor de verliezers van deze overlevingsslag. De derde tram vertrekt dan vervolgens leeg, vlak voor de neus van de volgende pluk reizigers.

Als je geen RET-hotemetoot bent, zou je je zulke mensonterende taferelen van te voren kunnen voorstellen, ook zonder ze voor je ogen te zien. Je zou er dan iets beters op kunnen verzinnen, bijvoorbeeld zorgen dat er telkens twee trams gereed staan, die als koppeltje een 7,5 minutendienst onderhouden.

Als ik op dinsdag zelf uit station Wilhelminaplein kom, als onderdeel van een menigte reizigers, rijdt er net uitgerekend op dat moment een pendeltram voor onze neus weg, met twee, drie mensen aan boord. 20 meter verder al komt hij tot stilstand voor het verkeerslicht om rechtsaf de Erasmusbrug op te kunnen rijden. Ondanks smeekbeden van het publiek weigert de trambestuurster de deuren te openen voor de mensen die haar brood betalen – en haar mobiele telefoon, waarin zij druk, en met een verwaand smoelwerk zit te praten. Een ordinaire, opgedirkte modepop; haar kapsel wordt bijeengehouden door een reusachtige ijzeren klem die wellicht als bliksemafleider moet functioneren.

Er wordt gescholden, en wordt tegen deuren geschopt. Maar zij wijst met een verveeld gebaar naar achteren, naar de volgende tram die ooit wel eens zal arriveren. Het overvloedig aanwezige geel- en blauwgejaste personeel staat er geïnteresseerd naar te kijken. Een leidinggevende zou zo’n graftrut meteen uit die tram moeten rukken, op staande voet ontslaan en haar ten overstaan van het publiek de RET-epauletten afrukken. ‘Staat te kijken’? De meeste RET-functionarissen zitten hier, of liever: hangen, en wel op de paar armetierige bankjes die gereedstaan voor vermoeide en slecht ter bene passagiers.

Na een minuut of twee, drie slaat het licht eindelijk groen. De tram verdwijnt leeg om de hoek. Het personeel wordt bestormd en aangesproken, maar veinst geen Nederlands te verstaan, hoewel in Rotterdam toch geen Oost-Europeanen zijn ingezet. Elders op het perron zien we een kluit vechtende geeljasjes. Zij zijn als middelbare schooljongens met elkaar aan het stoeien en tegen elkaar aan het schelden: ‘kankerlul; boerenlul!’ Het veroorzaakt dolle pret.

Een deftige heer zegt dat hij als Rotterdammer niet wenst te berusten in dit gebrek aan service en omgangvormen. Ik spreek mijn blijdschap tegen hem uit over het feit dat ik tenminste in het beschaafde deel van de provincie woon.

Na een kleine vijf minuten verschijnt de volgende tram en kunnen we onze gevechtsposities innemen om erin te komen en deze plek zo snel mogelijk te verlaten.

Rotterdam kampt deze weken ook met een tramstremming: in heel Schiedam en Vlaardingen rijdt de TramPlus niet. Ook diverse autoroutes naar het hart van de stad zijn geheel of gedeeltelijk gestremd. Rotterdam kan het best gemeden worden, deze zomer. Waarom heb ik dat niet gedaan?

Desondanks de volgende fraaie foto’s:

Schiedamsedijk


Blindheid voor dienstverlening? Daarvoor heeft ook het Oogziekenhuis geen remedie.


Station Leuvehaven.


Best gezellig, zo’n stremming! Daarom zet de RET ook ploegen van vijf man in.


Erasmusbrug


Wilhelminaplein

Frans Mensonides
4 augustus 2008
Er geweest: 10 en 22 juli 2008 (Amsterdam)
29 juli 2008 (Rotterdam)

© Frans Mensonides, Leiden, 2008.


<< naar thuispagina Frans Mensonides