Nr. 237 - zondag 14 mei 2017 (week 19)
Wolken tussen hemel en aarde; de parapsychologie

LAATSTE ZES AFLEVERINGEN

236b DE AFVALLIGEN VAN DE STIJL (30/04/2017)
236a 'KIJK EENS GOED', MONDRIAAN TOCH NOG GEWAARDEERD (16/04/2017)
235. HUN EN DE HUNNEN; TAALPEDANTIE (02/04/2017)
234. 'RODIN, GENIUS AT WORK' IN GRONINGEN (19/03/2016)
233. OV IN VERKIEZINGSPROGRAMMA's (19 en 26/02/2017; 05/03/2017)
232. 'BINT' VAN BORDEWIJK: DE ROMAN, HET STUK EN DE POLEMIEK (22/01 en 05/02/2017)
231. BROOD EN SPELEN; EEN DAG ALS GLADIATOR IN DE ARENA  (08/01/2017)




De kluit belazerd? Wilhelm Tenhaeff en Gerard Croiset.
Foto’s overgenomen uit de Wikipedia, Wilhelm Tenhaeff en Gerard Croiset

Helderziendheid, voorspellende dromen, telekinese, bijna-doodervaringen, aura- of desnoods piskijken, poltergeisten, spiritistische seances, ectoplasma, genezingen door gebed of handoplegging, zielsverhuizing, uittreding, exorcisme, small talk met de doden. Het kwam allemaal weer bij me boven bij het zien van de tv-documentaire over de paragnost Gerard Croiset en de parapsycholoog Wilhelm Tenhaeff in de serie ´Andere Tijden´ (terug te zien via de link). Niet dat ik zelf ooit ook maar een van die dingen gedaan, meegemaakt of ervaren heb. Maar er was een periode in mijn leven dat ik boeken over bovennatuurlijke verschijnselen verslond.

Het is niet zonder schaamte dat ik het opbiecht. Maar als excuus kan gelden dat ik toen een jaar of 17 was; laat ik het gooien op een jeugdzonde. Ik leende successievelijk de complete voorraad boeken die de openbare bibliotheek over parapsychologie beschikbaar had. Dat waren inderdaad andere tijden, ook in mijn bestaan. Tegenwoordig moet ik echt niets meer hebben van welke vorm van gespook dan ook.

Nu werd de parapsychologie, de wetenschap al die mysterieuze verschijnselen bestudeerde, indertijd door veel mensen volkomen serieus genomen. Tenhaeff was een alom gerespecteerde hoogleraar aan de Universiteit Utrecht. Zijn belangrijkste studieobject, Gerard Croiset, werd gezien als een wonderdoener die op bovennatuurlijke wijze zieken kon genezen, vermisten kon opsporen en misdaden kon oplossen. Zelfs doorgewinterde cynici en sceptici twijfelden nauwelijks aan zijn gaven.

Er waren meer van zulke (vermeende) paranormaal begaafden. Zo kreeg de Engelse huisvrouw Rosemary Brown regelmatig bezoek van de geesten van Bach, Beethoven, Liszt en vele anderen; zo´n beetje de complete componistenwijk. Die keuvelden gezellig, in het Engels, met haar en waren desgevraagd altijd bereid om wat nieuwe muziek aan haar te dicteren die ze aan gene zijde gecomponeerd hadden. Volgens kenners van klassieke muziek bewezen die symfonieën dat het hiernamaals geen grootste inspiratiebron vormde. Maar het was onmiskenbaar werk in de stijl van de overleden componisten; ook aan mevrouw Browns mediamieke gaven twijfelden maar weinigen.

Dan had je nog de Britse kostschoolleerling Matthew Manning die op school in de slaapzaal de bedden liet dansen dat het een aard had, sleutels kon verbuigen zonder ze aan te raken en kon tekenen in de stijl van Picasso. ´Allegedly´, schrijft de Wikipedia tegenwoordig voorzichtigjes bij dit soort ´feiten´; het geloof in wonderdoeners is de laatste decennia wat gaan tanen.

Dat ligt niet in de laatste plaats aan de genoemde heren Tenhaeff (1894-1981) en Croiset (1909-1980). Na hun dood zijn onderzoekers (zie bijvoorbeeld dit artikel van de stichting Scepsis) zich eens gaan verdiepen in hun succesverhalen. Toen bleek dat ze er allebei niet vies van waren om het geluk een handje te helpen. De professor maakte de sterke staaltjes van Croisets helderziendheid vaak nog wat sterker in zijn verslagen. Croiset zelf verzamelde soms voorkennis over de verdwijningszaken of misdaden waar hij bijgehaald werd. Bovendien deed hij voor zijn brood niets anders dan voorspellingen produceren, duizenden en duizenden gedurende zijn loopbaan. De gevallen waarin hij het toevallig een keer bij het rechte eind had, werden langer onthouden en nauwkeuriger gedocumenteerd dan de vele keren dat hij ernaast zat.

Van de indrukwekkende casuïstiek die Tenhaeff verzamelde over Croiset, blijft bij nader onderzoek niet veel overeind. In ‘Andere tijden’ wordt het zo hard niet gezegd, maar er komt bij mij, na een wat google-en op die twee namen, toch een beeld naar voren van een duo doodordinaire bedriegers.

Afbeelding overgenomen van Wikipedia (E), Zener cards

Iets minder spectaculair dan de wonderen van Croiset, Brown en Mannings, maar even  onbegrijpelijk, waren de resultaten van de experimenten met Zenerkaarten. Daarmee probeerden parapsychologen het bestaan van helderziendheid te bewijzen. Op zo’n kaart stond een eenvoudig symbool: een cirkel, kruisje, golfje, vierkant of ster. Een pak Zenerkaarten bestond uit 25 stuks, vijf van elke soort. De parapsychologisch onderzoeker draaide telkens een kaart, concentreerde zich op het symbool dat hij zag, en de helderziende proefpersoon moest dan ´zien´ ofwel raden, welk symbool dat was.

Statistisch kun je per pak kaarten 5 treffers verwachten, en op de lange duur een aantal treffers dat steeds dichter in de buurt van de 20% zal komen te liggen. Maar sommige begaafde kaartenraders haalden veel en veel hogere moyennes, die niet meer door het toeval verklaard konden worden. Helderziendheid, dus. Of stonden sommige proefpersonen boven de wetten van de waarschijnlijkheidsrekening? Of manipuleerde hun geest de ruimtetijd zodanig dat de experimentator het pak kaarten schudde tot de volgorde die zij in hun gedachten hadden? Of…

Ja, hoe verklaar je dergelijke verschijnselen eigenlijk? In wat voor universum leef je, als zulke dingen mogelijk zijn? Kon ik de grond onder mijn voeten nog wel vertrouwen in zo’n wereld? En waarom overkwam mij zelf nooit iets paranormaals, won ik zelfs nooit een derde prijs in de voetbaltoto en scoorde ik in een experiment met zelf gemaakte Zenerkaarten niet boven de toevalsverwachting?

´Met dat soort dingen moet je erg voorzichtig zijn, jongeman´, zei me eens een bejaarde heer, toen hij me in de bibliotheek in een boek over spiritisme zag bladeren, ´je maakt gemakkelijk krachten los die je niet meer kunt beheersen´. Ik moest toegeven dat hij in feite wel gelijk had. Ook zonder dat ik ooit een pendel, wichelroede of ouijabord gehanteerd had, vrat die hocuspocus aan mijn ziel. Door al die boeken gleed ik langzaam af naar een schimmenwereld; je gaat het op den duur allemaal geloven. ‘Dit is serieuze wetenschap’, beet ik mijn raadgever toe (wat angstig, was hij soms een gids uit het dodenrijk??). Maar dan een wetenschap zonder het geringste succes, zoals we nu weten.

De parapsychologie had zich tot doel gesteld, uiteindelijk het bovennatuurlijke te verklaren in de termen van de natuur. Ook ´wonderen´ moeten in natuurwetten gevat worden, anders kun je er geen wetenschap mee bedrijven. Dat klinkt allemaal heel paradoxaal, en het is dan ook niet gelukt. De afgelopen 40 jaar zijn in veel takken van wetenschap enorme vorderingen geboekt. Maar in de parapsychologie? Nul komma niks.

Ook aan de uitkomsten van de experimenten met Zenerkaarten wordt tegenwoordig weinig geloof meer gehecht. Waar gekaart wordt, wordt vals gespeeld. De kluit belazeren kon op vele manieren, bijvoorbeeld door proefpersonen die de Zener-symbolen weerspiegeld zagen in de brillenglazen van de experimentleider. Naar mate de voorzorgsmaatregelen tegen bedrog stringenter werden, kelderden de scores; een veeg teken.

Er is zo goed als niets meer over van de parapsychologie. Aan de Universiteit Utrecht kun je er niet meer in studeren  - maar nog wel promoveren op het fenomeen parapsychologie zelf. Terecht, dat de alma mater zich ervan heeft afgekeerd. Helderziendheid hoort niet in de collegezalen, dat hoort op de kermis of ’s avonds laat op de commerciële tv-zenders, voor goedgelovige sukkels die er een euro per minuut voor over hebben met hun telefoon.

Wat trok mij als adolescent nou eigenlijk aan in die duistere (pseudo-)wetenschap? Ik kan het niet goed meer peilen. Feit is, dat ik mijn fascinatie ervoor op een gegeven moment verloor. Ongeveer tegelijkertijd ruilde ik mijn geliefde horror- en science fiction-romannetjes in voor realistische literatuur; dat kan ik er niet los van zien. Noem het: volwassen worden.

´Geloof je dan echt niet dat er iets is tussen hemel en aarde?´, vroeg me laatst een orthodox gelovige in het bovennatuurlijke. ´Wolken´, antwoordde ik.  

FHM
14 mei 2017

 



VOLGENDE  AFLEVERING: VERSCHIJNT ZONDAG 28/05/2017

© Frans Mensonides, Leiden, 2017.