Nr. 255 - zondag 3 januari 2021 (week 53)
Coronajaar in momenten

LAATSTE ZES AFLEVERINGEN

254. BEMINDE ZATERDAG VOOR DE BUIS (20/12/2020)
254a. BESLIST EVEN LEZEN!!! 27 DINGEN DIE IEDERE SCHRIJVER MOET WETEN!!! VERPLICHTE KOST VOOR IEDERE SCRIBENT!!! (20/12/2020)
253. NEPNIEUWS, WAPPIES EN WONDERDRANKJES, PEST TOEN EN CORONA NU (29/11/2020)
252. THUIS LATEN BEZORGEN... (08/11/2020)
251. REALISME EN CORONAKUNST IN SCHIEDAM (20/09/2020)
250. WIE GOOGELT OP ZIJN NAAM... VINDT EEN SCHIPBREUKELING (13/09/2020)
249. 'IN THE YEAR 2525' WAS Dé HIT VAN HET JAAR 1969 (30/08/2020)

De rubriek FHM's A-viertjes verschijnt onregelmatig. Maar als hij verschijnt, doet hij dat op zondag.

 

Een buurtgenoot uit Leiden Zuidwest heeft zijn mondkapje al heel voorbarig al aan de wilgen gehangen. En een Oegstgeestenaar heeft het zijne aan het bekendste beeld van het dorp gehangen.

 

Wie had dat nou kunnen denken, dat corona afgelopen vrijdag, in de nieuwjaarsnacht, om 0:01 uur, niet als bij toverslag verdwenen zou zijn? Het gaat gewoon maar verder anno 2021. En naar alle waarschijnlijkheid moet het ergste nog komen, ‘Mark’ my words!

Dat virus trekt zich niet alleen niets aan van grenzen, maar ook niet van onze tijdsrekening in kalenderjaren. En we zijn nog wel zo fanatiek bezig geweest, de afgelopen weken, om terug te blikken op corona. Terwijl het virus nog in volle groei en bloei was (voor zover een virus bloeit).

Toch ga ik me op deze eerste zondag van het jaar ook schuldig maken aan terugblikken. Ik tel mijn zegeningen, terugkijkend op 2020. Velen verloren hun leven, hun gezondheid, dierbaren, geld of hun baan. Ik ben nog gezond, heb nog werk en inkomen, en heb alleen mijn openbaar vervoerhobby ingeleverd, plus een deel van mijn mobiliteit en sociale contacten.

Van alles in het leven: triomfen, hoogtijdagen, individuele of mondiale crises, onthoudt een mens vooral momenten; ogenblikken die in hun eentje staan voor een complete periode. In de rest van dit stukje: het coronajaar 2020 in ogenblikken.

In een van mijn schaarse OV-reisverslagen dit jaar had ik het over: ‘quarantainemaatregelen: drie maanden of langer thuiswerken, geen visite ontvangen en mijn woning alleen verlaten voor mijn dagelijkse gang naar de supermarkt - met mondkapje! En zeker geen zaterdagse OV-avonturen meer beleven’.

Dat lijkt een samenvatting van de Eerste Golf. Maar in werkelijkheid brouwde ik deze alinea uit aantekeningen die ik al op zaterdag 1 februari 2020 maakte in een gezellig eetcafé vol Brabantse reuring in het centrum van Dongen.

Een vooruitziende blik. Ik ben niet met de helm geboren, beschik niet over een kristallen bol, kijk nooit in het koffiedik dat is achtergebleven in het filterzakje, en heb vroeger jarenlang meegedaan met de voetbaltoto zonder ook maar een gulden te winnen. Maar dit zag ik al heel lang van te voren aankomen.

Jaap van Dissel, van wie voorheen nog geen mens gehoord had, verklaarde op dezelfde dag dat het virus niet naar Nederland zou komen en, indien onverhoopt tóch, heel gemakkelijk te bestrijden zou zijn, dank zij de uitstekende voorzorgsmaatregelen die we daarvoor getroffen hadden in dit land. Ik hoop dat niemand het me kwalijk neemt, dat ik deze starre reageerbuisgeleerde na februari geen seconde serieus heb genomen.

 

Winkelen onder covid: Lege schappen door hamsterpraktijken aan het begin van de Eerste Lockdown;  looproutes en ontsmettingszuilen.

4 weken later, schrikkeldag, ook weer zo’n moment waarop ik besefte dat het echt ernst was en dat de wereld– althans voorlopig –nooit meer hetzelfde zou zijn. Zoals altijd bij dit soort momenten weet ik nog exact waar ik was. Dat was alweer in de horeca, alsof ik een heel jaar zonder koffiemomentjes en dinertjes op voorhand al goed wilde maken. Ik zat bij restaurant Stoom in het stationsgebouw van Middelburg, na een wandeling in Oostkapelle.

Ik las daar een artikel van de zich wetenschapsjournalist noemende Maarten Keulemans in de zich kwaliteitskrant noemende Volkskrant. Ik kan het precieze citaat niet meer vinden. Maar hij schreef zoiets dat hij het prima vond dat het virus vooral de ouderen en zwakkeren zou vellen.

Daar heeft hij later zijn excuses voor aangeboden. Behalve het jaar van het virus was 2020 ook het jaar van de excuses.

Maar het verschafte mij de eerste blik op een samenleving die door de coronacrisis verscheurd en versplinterd zou raken door myriaden botsende belangen en groeperingen: jong versus oud, gezond versus kwetsbaar, gezondheidszorg versus de ‘ekenumie’, vakantiegangers versus gedwongen thuisblijvers, ‘uitjes’ versus noodzakelijke reizen, wappies versus mensen met nog een restje verstand, voorstanders van horeca dicht versus scholen dicht versus vliegvelden dicht versus alles dicht versus alles open, aerosolen-gelovigen versus aerosolen-ontkenners,  virus laten uitrazen versus virus indammen. En de afgelopen weken: tientallen groepen mensen die als eerste gevaccineerd willen worden, en mensen die alles wel best vinden als ze maar worsten kunnen kopen bij de HEMA. En zoals altijd: deugneuzen die zich op drukke plekken begeven, louter om te kunnen tuttutten over grote drukte.

 

Een navrant fotomoment, uit de nadagen van de Eerste Golf. De versoepeling naderde, maar verpleeg- en verzorgingstehuizen waren nog steeds op slot. Ook ik heb mijn broer, bewoner van een kliniek in Den Haag, in totaal een maand of 3 niet kunnen bezoeken. Gelukkig konden we nog contact onderhouden via de telefoon en WhatsApp.

Ergens eind mei legde ik op een fietstocht huize Marente Hofwijck in Oegstgeest vast. Het woonzorgcentrum lijkt gloednieuw, maar het is al de 3e versie, gebouwd op fundamenten en met het betonskelet dat mijn opa in de jaren 50 had ontworpen. Ik beschouw het als een soort familiestuk.

Pas toen ik de foto thuis schermbreed op de PC had, zag ik in een uitvergroot detail dit tafereel. 3 mensen, keurig op onderlinge afstand van 1½ meter, kijken omhoog naar een balkon waar hun vader of moeder naar ze zwaait. Misschien een dementerende, die absoluut niet begreep waarom de kinderen nou nooit meer eens binnenkwamen – als hij / zij ze überhaupt nog herkende.

(Tragi)komische momenten waren er ook. Wie heeft er niet gnuivend genoten van het gesnotter van Grapperhaus in de Kamer, na zijn uit de klauwen gelopen huwelijksfeest? En van de excuses van Willem-Alexander en Maxíma na hun uiterst kortstondige vakantie in Griekenland? ‘Beteuterd’ is het juiste woord om te omschrijven hoe ze erbij zaten op de bank.

Vlak daarvoor vast nog een knallende ruzie gehad; de kruitdampen ervan hingen nog in de lucht. De koning: ‘Dank zij jou sta ik weer eens voor lul. Het is allemaal jouw schuld, stomme tut, met je gezeur altijd! [met overdreven hoge vrouwenstem:] “Ah, Lex, toe nou, laten we een weekje op vakantie gaan, ik ben er zó ontzettend aan toe!” [met normale stem:] en nou zie je eens wat er van komt’. Een sterke daling in de populariteitspolls, dat kwam ervan.

Moeten de scholen een paar weken extra dicht rond de kerstvakantie? Dat was begin december de strijdvraag. Deze schoolstrijd kwam voor mij tot een dieptepunt toen op tv een buitengewoon serieuze haviste werd geïnterviewd. Heel zenuwachtig: ‘Ja maar, ja maar, als de school dichtgaat, hoe, hoe, hoe moet het dan met de voorbereiding op de toetsweek?’

Meisje, meisje, dit is een NOODTOESTAND! Er vallen DODEN door besmettingen op scholen! Er zijn belangrijker dingen dan of jij een 6 of een 7 haalt. Zie je je oma en opa liever in hun kist?

Wat had ik toch een hekel aan dit soort klasgenoten toen ik zelf nog op school zat. De eindexamenklas, waarin ik het nog 2½ maand heb uitgehouden, was een pure hel. ‘Is het voor een cijfer? Telt het mee voor het schoolonderzoek? Wat moeten we hiervan nou precies weten op het examen?’

Ik moest denken aan mijn moeder, die in de Hongerwinter in de 4e klas van de Middelbare Meisjesschool zat, en een half jaar lang nauwelijks onderwijs kreeg. De schooldagen, in een ijskoud gebouw, duurden 1 ½ uur. ’s Middags stond ze bij de boer in de rij voor een litertje melk, in plaats van haar huiswerk te maken. En het was ook geen enkel probleem dat ze 6 weken bij familie in Apeldoorn doorbracht om een beetje aan te sterken. Afstandsonderwijs bestond niet.

Toch is ze nog goed terecht gekomen. Nooit zonder werk gezeten na de oorlog. Maar ze had dan ook een diploma stenograferen behaald. Ze hield het me kort voor haar dood in 2015 nog voor: ‘Als je steno kent, zit je nooit zonder werk!’

Ik dreig af te dwalen. Tot slot die zwarte dag een paar weken geleden toen die twee mutaties van het virus in het nieuws kwamen: de Engelse en de Zuid-Afrikaanse. Virussen heten in eerste instantie altijd naar het land dat er ook niets aan kan doen dat ze daar zijn opgedoken. Zo’n mutatie is een gamechanger, maar niet een waar we op zaten te wachten. Dit is een gamechanger in het voordeel van het virus.

Waar gaat dit héén? Muteert corona straks tot een virus dat net zo besmettelijk is als de mazelen, net zo dodelijk als de builenpest en dat resistent is tegen elk denkbaar vaccin? Op de dag dat dat van die mutaties bekend werd, zag ik even geen licht meer aan het eind van de tunnel. Nog steeds niet, eigenlijk, maar ook aan slecht nieuws raakt een mens gewend.

Sommigen blijven er zelfs bewonderenswaardig kalm en optimistisch onder. Ik kreeg van mijn werk een uitnodiging voor een vergadering op kantoor op maandag 1 februari 2021. De organisator dacht dat de lockdown-maatregelen dan wel afgeschaald zouden zijn en we in dit land terug zouden zijn naar normaal. Maar hij verklaarde zich wel bereid om er eventueel toch weer een videovergadering van te maken, als het echt niet anders zou kunnen…

FHM
3 januari 2021





© Frans Mensonides, Leiden, 2020