Aflevering: 18
Datum: Vrijdag 23 juni 2006
Onderwerp: Gekke voetbalfans en vage professoren


Stel nou, Nederland komt in de WK-finale. En ze winnen hem. Wat heb je dan nog? Je moet de maandag daarop gewoon naar de zaak. Waar je dan nakaart over de WK-finale; precies wat je gedaan zou hebben als Nederland die finale verloren had. (Ik mag wel een beetje voortmaken met dit stukje over de oranjegekte. We komen nu in de knockout-fase; na zondag kan het al afgelopen zijn met de Hollandse bekeraspiraties, en dan is deze Webloog al achterhaald voordat hij op de site staat).

De oranjegekte is velen een raadsel. Om voetbal gaat het niet. Vier jaar geleden was er wel een WK, maar geen WK-gekte. De ware voetballiefhebbers, waaronder ik mezelf met enige reserve reken, keken toch ook wel naar het WK. Voor mij maakt het niets uit of Nederland meedoet (ik schrijf deze woorden op mijn nieuwe laptop, onder AustraliŽ – KroatiŽ, en gehinderd door het deskundige rustcommentaar van Arie Haan).

Met houden van je vaderland heeft het ook niets te maken. Die oranje vlaggetjes, wimpeltjes en wuppies zie je vooral in wijken waar geen mens enige bijdrage levert aan de welvaart, de groei en bloei van onze natie.

Wat is het dan wel? Gelukkig verscheen vorige week in de GPD-bladen een interview, Ook de voetbalgekte eist zijn slachtoffers, met een professor-doctor in de psychiatrie en –ologie, ene Joost Baneke. Hij ‘kent het antwoord’, zoals interviewster Kitty van Gerven wat naÔef schrijft. Maar Baneke noemt een hele reeks antwoorden. We mogen dan zelf kiezen, welk ons het meest aanstaat, denk ik.

De hooggeleerde trapt af met de stelling dat oranjegekte voortkomt ‘Uit onze diepste behoefte om ergens bij te horen, om op te gaan in een groter geheel en daar zingeving aan te ontlenen’. Zo lust ik er nog wel een paar. Laat hij voor zichzelf spreken! Als ik die behoefte had, dan ging ik wel naar de kerk, of op mediteer-les. Ik ging zeker niet naar het voetbalstadion, noch naar het cafť met breedbeeldbier. Bovendien: die oranjewaanzin individualiseert steeds meer. Je ziet dit jaar voor het eerst ook in nette buurten huizen die onder de oranje wimpels zitten. Zoals die buren van ons; ze zijn de enige in ons rijtje. Hoezo: opgaan in de massa, erbij horen? Ze voelen de afkeurende blikken priemen van iedere passant, maar het deert ze niet.

Het is of Baneke me gehoord heeft. Hij zwakt zijn verhaal meteen af. Nu is het allemaal te wijten aan ‘de behoefte van ieder mens aan een sociaal kader’. Prima. Klinkt vaag en algemeen genoeg om door te kunnen gaan voor diepzinnige wijsheid. Maar een paar balomwentelingen verder ligt het ineens allemaal aan de reclame. En aan de media, vergeet Baneke nog, die ons gek maken door letterlijk alles over dat WK op te blazen tot nieuws, hetgeen ze doen omdat die oranjegekken letterlijk alles over het WK willen weten. En het ligt aan de kleur oranje, die een īsignaalkleurī is, en waarvoor we in de oorlog gevochten hebben. Vochten we in de oorlog voor een kleur? De hooggeleerde Baneke verricht nu een correcte ingooi: inderdaad, uit zijn nek.

Ik sla maar een stukje over (het AustraliŽ van Hiddink is trouwens sterk in de aanval). Baneke heeft het nu over verminderd zelfbewustzijn dat terug te voeren is op een gebrek aan identiteit (KroatiŽ scoort, tot ontsteltenis van genoemde Hiddink). Ook zegt de geleerde dat oranjegekken een bepaalde leemte hebben op te vullen; onmachtig zijn om blijvende relaties aan te gaan, bijvoorbeeld. Ik weet niet. Dat van die relaties geldt wel enigszins voor mij, als verstokte vrijgezel, maar dat wil nog niet zeggen, dat men mij meteen met een punthelm en oranje leeuwenstaart door de stad ziet paraderen, ongehinderd door een wederhelft die het me verbiedt. Doen vooral relatielozen dat?

Zoals Baneke redeneert, zo zou je in een serieuze tak van wetenschap toch niet kunnen redeneren. De helft van zijn beweringen ligt te zeer voor de hand om waar te zijn, de andere helft is te vergezocht, en vrijwel alles wat hij uitbraakt is in strijd met al het andere. Hij weet het gewoon niet, vermoed ik, en durft het niet toe te geven. Het is wel terecht dat psychologie en psychiatrie niet tot de geesteswetenschappen gerekend worden, hoewel ze de geest tot onderwerp heten te hebben.

Baneke’s collega’s zullen wel opleven na het onvermijdelijke einde van NÍerlands WK-deelname - hetzij door uitschakeling, hetzij door het winnen van de wereldbeker, want ook daarna is het feest afgelopen. ‘Als de manie van de euforie is verdwenen, volgt de depressie. Niet zelden belanden zulke mensen [nl. oranjegekken] dan ook in een diepe depressie. Sommigen worden er zelf [sic] suÔcidaal van.’

Een overvolle spreekkamer voor de geestelijke gezondheidszorgers, op maandagmorgen. Maar wat overtrokken toch, allemaal! Relativeren, dat is het medicijn dat de professor voorschrijft tegen voetbalgekte. Daar mag hij zelf wel eens mee beginnen.

En hoe denk ik er zelf over? Het antwoord staat in dit stukje uit 2000, toen er gevoetbald werd om de Europese titel. Lees het maar (AustraliŽ heeft gelijkgemaakt en bekert op het nippertje verder). Intense leegte van leeghoofdige leeglopers, dat is het. Ingewikkelder kan ik het niet maken.


Utrecht CS; reizigers en conducteurs doen via wireless Internet mee aan het WK-spel voor wereldprijzen.


 

naar thuispagina


© Frans Mensonides, Leiden, 2006


Iets gemist? De vijf meest recente afleveringen van Webloog:

10 juni 2006: Moeras der moerassen; een ommekeer
27 mei 2006: Bamber; Internetkoudwatervrees
16 mei 2006: Unvollendete; een bloembollenschilder
7 mei 2006: ROVER-NS-rel
30 maart 2006: Wel geregeld? Slachtoffer van pensioen-kongsi
17 maart 2006: Ingedekt; de anti-terreurfolder
11 maart 2006: 'Op de porriehoop'; tulpengekte in 1637 en 2003

WEBLOOG-ARCHIEF


naar thuispagina