
Een moedgevende herfst op het tramnet van
HTM
Personenvervoer in Den Haag en omstreken; 2 nieuwtjes, en beide
positief.
Op vrijdag 4 september 2026 is de nieuwe
TINA-tram van
Stadler gepresenteerd aan het publiek. Ik was bij de genodigden voor
een gratis
proefrit; door een toeval; het is niet zo dat ik in kringen van
OV-bobo’s verkeer.
De maandag daarop kwamen de eerste TINA’s op de baan voor betalende
passagiers,
op de reguliere tramlijnen.
En in de zeer nabije toekomst, op maandag 5
oktober 2026,
zal er een zwaar migrainedossier
afgesloten
kunnen worden - tenzij er nu op de valreep nog iets heel onverwachts
gebeurt,
en dit dossier is vol van onverwachte kinken in de kabel. Tram 19,
thans:
Leidschendam MCH Antoniushove - Delft Station, zal eindelijk
doorgetrokken
worden naar de campus van de Technische Universiteit (TU).
Dat laatste is nu dus nog niet het geval,
maar dit stukje is
vol voorpret.
Maar eerst de TINA!
Dit, de kop van dit paragraafje, prijkt in mijn
agenda; een
afspraakje waarnaar ik uitgekeken heb. Nee, ik ben niet in mijn
levensherfst alsnog
van mijn geloof gevallen, en heb me niet op de datingmarkt gestort.
TINA is
geen persoon van vlees en bloed, maar het is een tram.
Een tram uit de Zwitserse fabrieken van Stadler.
TINA betekent,
in gecompliceerd (Zwitser)Duits: Total Integrierter
Niederflur-Antrieb.
Vertaald naar begrijpelijk Nederlands staat het voor een tram met een
lage
vloer over de gehele lengte, zonder traptreden en zonder verraderlijke
opstapjes.
Zeer rolstoel-, rollator- en brekenbenen-vriendelijk, dus.
Deze 62 trams gaan de GTL’s (Gelede Tram Lang) uit
de 80’s
en 90’s vervangen die nu nog vaak te zien zijn op lijnen 1, 6, 9, 10 en
12 – en
misschien ook nog wel eens op andere lijnen; hou me ten goede. De
oudste GTL
viert dit jaar zijn 45ste verjaardag en dan doemt de slopershamer zo
langzamerhand wel op aan de horizon.
Nieuwere tramtypes in Den Haag zijn de Citadis’en
van Alstom
voor Randstadrail uit de jaren 00 en de Siemens Avenio’s uit de jaren
10.
Sowieso voor mij persoonlijk al een opmerkelijke
dag, 4
september 2026, namelijk de 130ste geboortedag van mijn oma van
moederszijde,
de 430ste van de beschermheer van deze site, de Hagenaar Constantijn
Huygens, en
de 3e verjaardag van mij als AOW’er. Maar deze dag gaat ook de
OV-geschiedenis
in, dank zij de officiële openingsrit met TINA-tram 7001 aan het eind
van de
morgen.

Een kennis van mij is lid van het
kwaliteitsbewakings-panel van
HTM en kon meeloten voor een plek in die tram. Hij trok een ‘niet’ uit
die
loterij, maar er zou een extra rit gereden worden om 15:00 uur. Daar
gaf hij
zich voor op, maar er kwam helaas iets tussen. Hij liet mij de eer om
deze
happening mee te maken. Ik hoef alleen maar de mail met de uitnodiging
te tonen
en me voor hem uit te geven.
De plaats van vertrek is het plein rond de Grote
Kerk, waar de
TINA staat op een in de normale dienst ongebruikte keerlus. Ik betreed
de tram al
om 14:30, dan ben ik in ieder geval niet te laat. Tussen de 2
pretritjes in
staat hij open voor iedereen die hem eens van binnen wil bekijken.
Van grote afstand bezien lijkt zij sprekend op
haar
voorganger, de Avenio. Maar die telt 4 korte segmenten, ofwel ‘bakken’,
en de
TINA 3 lange. De TINA is net iets langer (36½ meter) dan de Avenio (35
meter).
Wat je op het eerste gezicht niet ziet: zij, de
TINA dus, is
3 decimeter breder dan de GTL’s die zij gaat vervangen, 265 cm tegen
235.
Daardoor moeten op de routes van lijnen 1, 6 en 12, die gedeeltelijk
door
smalle straten voeren, nog aanpassingen aan de halteperrons en het
wegprofiel uitgevoerd
worden.
De bewoners van de Goudenregenstraat, een
zijstraat van de
Laan van Meerdervoort, lopen er al jaren tegen te hoop, maar ze zullen
er toch
aan moeten geloven. Lijn 12 rijdt daar sinds mensenheugenis. Op hun
eis, die tramlijn
naar Duindorp doodleuk in te korten tot de remise Lijsterbesstraat, is
niet
ingegaan. Maar laten ze blij zijn dat ze niet in Groβsachsen bij
Heidelberg
wonen; daar schraapt de tram de verf van de gevels.

Goudenregenstraat: aan de krappe kant
De Tina’s hebben 5 deuren aan elke zijde, en
bieden 84
reizigers een zitplek. Verder is de tram uitgerust met allerlei
technische snufjes.
Zo kan hij een deel van zijn rem-energie opslaan in een accu, Dat systeem stelt de tram in staat om in geval
van nood een korte afstand (2 km) te overbruggen zonder bovenleiding.
Andere TINA’s, in verschillende uitvoeringen en
lengtes,
rijden al in diverse Europese steden, waaronder Bazel. Daar zaten wij van De
digitale reiziger er laatst in. Wat ons opviel, waren de oncomfortabele
harde
houten zitbanken. Die horen er standaard in, ook in deze Haagse trams. Maar hier zijn ze zo humaan geweest om er
kussentjes overheen te plakken. Hoe lang die meegaan; ik houd mijn hart
vast.
Een man die naast me is komen zitten, geeft met
luider
stemme blijk van een ander ongemak: ‘Die bankjes zijn wel erg krap’
brult hij
met een Stentor-stem. ‘Ze zijn wel krap, erg krap, ik zit helemaal
opgevouwen
met mijn knieën’. Mijn hemel, ik vind ze ook vrij krap, maar waar
klaagt híj
over? Hij is een kop kleiner dan ik.
‘Weet u meneer’, vervolgt hij fortissimo, ik ben
door de 70.
Zo’n TINA hè, het zal wel modern zijn, maar ik verlang nog vaak terug
naar die
PCC’tjes. Dát waren trams! En die bussen van Verheul, dát waren pas
stadsbussen!’
Ik val hem bij, ik ben ook bijna 70 en herinner me die
openbaar-vervoermiddelen
nog uit mijn kleutertijd in Voorburg. Maar met die bussen en trams kon
je niet
mee als je in een rolstoel zat of slecht ter been was. Er is niks mis
met
nostalgie, maar vroegâh was echt niet alles beter.
Hij reageert niet; hij houdt meer van mono- dan
van
dialogen. Nu ziet hij een kennis die iets jonger is dan hij en ik. ‘Ik
vind ze
wat krap! En ik zeg net tegen die meneer: het zijn geen PCC’s en
Verheuls. Nee,
nee, die Verheuls heb jij niet meegemaakt, daar ben je te jong voor. En
ik heb ook
nog meegelopen in de demonstratie van ‘Veronica blijft als U dat wilt’.
In
1973, was dat. Maar daar weet jij ook niks van. Je was nog niet eens
uit het
ei!, je zat nog in je ouweheers verrekijker!’
Nou, we dwalen nu wat af van TINA. Hoe kom ik in
vredesnaam
van die praatvaar af? Maar een stem uit de luidsprekers van de tram
redt me.
Iedereen moet eruit, en daarna mogen alleen genodigden weer instappen,
na
controle.
Alzo geschiedt. Ik geef unverfroren een naam op
die niet
vermeld staat op mijn ID, waarnaar gelukkig niet gevraagd wordt. Tonen
van de
mail is voldoende. De causeur van daarnet blijft achter op het plein.
Ik zwaai hem
nog even vrolijk na, als we vertrekken.

Nu begint een
ingewikkelde rondrit door de stad. Eerst nemen we de Gravenstraat en
het
Buitenhof, route van lijn 17. Daarna belanden we op het Spui en in het
verlengde daarvan op het Zieken, kruisen het Rijswijkseplein dat, net
als half
Nederland, op de schop ligt, en rijden voorlangs station Hollands
Spoor. Vervolgens
de trambaan langs de Parallelweg op, langs het Haags Openbaar Vervoermuseum
in
de oude remise aan de Frans Halsstraat, langs de Haagse markt, waar
lijn 11 en
12 rijden, bij de Monstersestraat rechtsaf, waar we 2 en 4 tegenkomen.
En dan
zo langzamerhand terug naar waar de toren van de Grote Kerk boven die
daken
zichtbaar wordt.
Bij elke halte staan de wachtenden ons met open
monden aan
te kijken; héé, dit is toch een heel andere tram dan normaal toch? Er
wordt
vergeefs op de knop voor de deuren gedrukt.
Ze rijdt prima, TINA, vrijwel geruisloos, zelfs in
de
bochten. De wissels neemt zij wat bonkerig, vind ik, maar dat hoort wel
een
beetje bij lage-vloertrams. De opvarenden op deze feestrit prijzen de
groete panoramaruiten van de tram. Over krapte hoor ik niemand.
Vergeefs probeer ik me voor te stellen wat de
jarige Huygens
zou denken over ‘zijn’ Den Haag, als hij voor een dagje zou mogen
opstaan uit
de doden om deze rit mee te maken. De door hem in 1653 mede ontworpen
Scheveningseweg
(indertijd deel van de Zeestraat)
is sinds 1864 tramroute, tegenwoordig van
lijn 1. Niet zo gek dus, om aan Huygens te denken, als het om Haagse
trams
gaat.
We slaan de Jan Hendrikstraat in, waar in de
normale dienst
geen trams meer rijden, en belanden weer op
de lus bij de kerk. De rit heeft een minuut of 40 geduurd.
Even later zien we TINA wegrijden
richting remise Scheveningen. Er is
beloofd dat ze met ingang van komende maandag ingezet zal worden op lijn 2, de Randstadrail-lijn
die ik in 2012 al eens deed.

Geen TINA bij Voorburg 't Loo
De maandag daarop fiets ik naar metrostation
Voorburg ‘t Loo
om op het perron van bovenaf een TINA te fotograferen op lijn 2. De
eerste die
ik zie, is geen TINA maar een Avenio; 4 bakken en geen 3. De tweede
ook.
Hetzelfde geldt voor de 3e, 4e en 5e. Ik begin nu te vermoeden dat er
op die
vrij lange lijn maar één TINA rijdt, en houd het voor gezien.
Ik ben veel te ongedurig voor dit soort werk; ik
heb niet
het geduld van een cameraman van natuurfilms, die een half jaar in een
boomhut
zit om eindelijk een grote katachtige een hert te kunnen zien
verslinden.
De volgende zondag pak ik lijn 2, niet als
tramspotter, maar
om mijn broertje te bezoeken, die in Den Haag woont. Opnieuw een
Avenio. Op de
terugweg idem-dito. Bij MCH Westeinde zie ik een TINA als tegenligger,
maar het
heeft geen zin om snel uit te stappen; dan is ze al lang weg.
Intussen is zij ook al gesignaleerd op andere lijnen dan nummer 2. Mocht ik haar nog eens zien voorrijden bij een halte waar ik sta te wachten, dan krijgt dit stuk een vervolg. Daar gaat het me eigenlijk in de eerste plaats om; een gewone rit voor gewone reizigers!
Frans Mensonides
18 september 2026
Laatste aanvulling: 27 september 2026
Er geweest: vrijdag 21 augustus 2026

TINA van binnen
De weken daarop bleek TINA een meisje waar je
tegenaan loopt
als je haar niet zoekt. Of zo’n vrouw die altijd net buiten bereik
blijft. Ik
zag haar een keer rijden op de Weigelia bij The Mall toen ik daar liep
te
winkelen, en helemaal niet van plan was om de tram te nemen. En
bereiken kon ik
haar ook niet meer, voor een ongepland rendez-vous; ik was te ver van
de halte.
Op woensdag 7 oktober was ik opnieuw op bezoek bij
mijn
broer – die die dag tussen haakjes zijn 66ste verjaardag vierde, en
tussen
haakjes-binnen-haakjes geboren werd op de avond dat in Leiden de
allerlaatste
trams vertrokken naar Oegstgeest, Katwijk en Noordwijk. Hij verblijft
in een
verpleeghuis dat gevestigd is tussen de Randstadraillijnen 2 en 3 in.
Na het bezoek wandelde ik naar Loosduinen, om mijn
wandelkilometers
voor die dag vol te maken. Bij de halte Burgemeester Hovylaan pakte ik
de tram.
En dat bleek TINA te zijn, waar ik op dat moment helemaal niet aan
dacht.
Eindelijk dan een reizigersrit met TINA. Ook als
zij rijdt
voor normale klanten, in plaats van hotemetoten en andere genodigden,
zijn haar
rijeigenschappen prima. Die stoeltjes zijn inderdaad wat krap, maar dat
heeft
als voordeel dat er meer in een tram passen, en er meer mensen zittend
vervoerd
kunnen worden, wat in de Haagse avondspits geen overbodige luxe is.

TINA op Den Haag
Centraal
Aangevuld op 11 oktober 2026

Bus 40 met op de
achtergrond het opvallende gebouw
Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica (EWI), dat nog het meest lijkt
op een
op zijn kant gezette chocoladereep
En hier dan hopelijk aflevering-laatst van de
langste en
laagfrequentste reeks op deze site. De eerste stukken over HTM-lijn 19
schreef ik
al in 1998
en 1999. In 2024 ging ik voor het laatst
kijken op het terrein
van de TU, op een dag dat ik R-net-lijn 455 (Zoetermeer –
’s-Gravenzande) nam
die de campus aandoet. Ik schreef toen een paragraafje over die
problematische
tram dat ik hieronder herhaal, met kleine wijzigingen en aanvullingen.
Wat was er nou precies aan de hand met lijn 19?
Stadsgewest
Haaglanden (tegenwoordig: Metropoolregio Rotterdam Den Haag MRDH) wilde
een nieuwe
tramverbinding van Leidschendam via de VINEX-wijken Leidschenveen en
Ypenburg
en via station Delft naar de TU-wijk.
Rond de eeuwwisseling was er gesteggel met
studentenorganisaties over de te volgen tramroute op het terrein van de
universiteit. De voorkeursroute van het bestuur van de TU liep via de
Schoemakerstraat, langs de oostkant van het terrein. De studenten
wilden liever
uitstappen voor de deur van de collegezalen, de aula en de bibliotheek.
Zij
opteerden voor een route over de centrale as van de campus (toen: de
Mekelweg,
nu het Mekelpark).
De studenten wonnen het pleit, maar konden niet
vermoeden
dat hun zonen en dochters hier al rond zouden lopen voordat die tram
werkelijk
zou gaan rijden.
Tramlijn 19 werd in de jaren 00 eerst wegbezuinigd
en later
weer uit de mottenballen gehaald. In 2010 werd de lijn in gebruik
genomen op
het traject Leidschendam –
Delft NS. Vanaf 2006 had ik al een fotorapportage
gewijd aan de aanleg.

Het
zorgenkinsje bij The
Mall, voorjaar 2021
Archief De digitale reiziger

Het zorgenkindje op de
Phoenixstraat in Delft, december 2023
Archief De digitale reiziger
De doortrekking naar de TU-wijk moest worden uitgesteld omdat de Sint
Sebastiaansbrug naar de campus in 2008 vrijwel op instorten stond. Het
kostte de innovatieve
technologiegemeente Delft tot 2020 om een nieuwe brug te ontwerpen en
te bouwen.
Intussen lag er al sinds 2014 tramspoor op het
terrein van
de TU, ongebruikt dus. Ik liep er dat jaar langs toen ik de route
verkende voor
een mogelijke nieuwe tramlijn
Delft - Rotterdam, langs Rotterdam The Hague
Airport, een onzinnig plan waarover sedertdien niet veel meer vernomen
is.
Maar waarom ging de tram dan in 2020 niet rijden
over
de campus, via die vernieuwde brug? Er waren zorgen over de trillingen
van de tram en de
zwerfstromen die door de bovenleiding zouden worden veroorzaakt. Die
zouden de
hypergevoelige meetinstrumenten in de laboratoria van de TU kunnen
verstoren.
Hadden ze dat in 1999 niet kunnen bedenken? Dat
zou een
goede smoes geweest zijn om te kiezen voor de route via de
Schoemakerstraat,
buitenom. Maar de trams die toen gangbaar waren, veroorzaakten geen
hinderlijke
trillingen en zwerfstromen. De huidige trams doen dat wel.
Die dag in januari 2024 toen ik weer eens ging
kijken bij de
TU, schrok ik me een ongeluk. De hele trambaan door het Mekelpark was
verdwenen,
vanaf die betonnen puist die de aula is totaan het viaduct in de
Kruithuisweg. Je zag alleen nog waar de sporen gelegen hadden.
De baan moest opnieuw worden aangelegd om
trillingen en
zwerfstromen te voorkomen. Dat laatste geschiedde volgens een
gepatenteerde
vinding van een hier werkzame hoogleraar, met behulp van nog een andere
prof.
dr. ir en iemand die alleen maar dr. ir is. Die methode was al
toegepast op
Utrecht Science Park, in de Duitse stad Ulm en in Lund (Zweden). Maar in
Delft zelf had men hier blijkbaar in eerste instantie niet aan gedacht.

Dat bord hebben ze
jarenlang gewoon laten staan na iedere
jaarwisseling. Rechts: de verdwenen trambaan.
Archief De digitale reiziger, 2024
De tram zou, in tegenstelling tot wat eerst de bedoeling was, niet
eindigen
op het terrein van Technopolis Innovation Park, ten zuiden van de
Kruithuisweg.
Hij zou sterven voor het viaduct.
Op het Technopolis-terrein staan misschien zulke
overgevoelige instrumenten dat je er niet eens op de grond mag stampen
binnen
een straal van een kilometer. Op de rest van het terrein mag de tram
straks
maximaal 30 km/uur rijden. Bij hogere snelheden werken de vindingen van
de
prof. dr. ir’s kennelijk niet.
Ik ben geen prof. dr. ir, doch slechts een
eenvoudige
(boerenlul, schreef ik bijna) master in de geesteswetenschappen. Hoe
had ik een
oordeel kunnen vellen over technologische zaken die me ver boven de pet
gaan?
Maar als OV-reiziger, -schrijver en -voorvechter kon ik dit hele
verhaal over
tram 19 toch niet anders zien dan als een liederlijke afgang.
In het voorjaar van 2024 zeiden ze dat de tram in
2025 echt
zou gaan rijden. Daarna deden de maanden wat maanden altijd doen: komen
en
gaan. Tot in de zomer van 2026 ineens het bericht kwam dat er
nachtelijke
testritten gaande waren.
Die trokken veel bekijks van hobbyisten. ’s-Nachts
slaap ik,
als ik niet kamp met slapeloosheid. Maar overdags kwam ik op een
vrijdagmiddag
in augustus een keer kijken. De vernieuwde baan lag er heel netjes bij,
en de
bovenleiding hing waar hij hangen moest.
De lijn, die de Kruithuisweg niet mocht kruisen,
eindigt op
de Van den Broekweg, een zijstraatje dat, althans voor automobielen,
doodloopt op
de Schoemakerstraat. Toch nog de Schoemakerstraat…

Augustus 2026. Rechtsonder: het eindpunt
Als je op je rust gesteld bent, is een wandeling
op een
universiteitsterrein op de late vrijdagmiddag tijdens de zomervakantie
echt
ideaal. Er heerst een schier spookachtige sfeer. Bij de bushaltes staan
alleen
een paar TU-medewerkers en mogelijk studenten die een tentamen moesten
herkansen.
Na de vakantie zal het hier weer een drukte van
belang zijn. De tram gaat eens per
kwartier rijden over het hele traject van lijn 19 van de TU tot/met
Leidschendam.
Vrij karig, zou je zeggen, voor het massavervoer tijdens de
college-uren op een campus.
Vergelijk dat eens met de tram in het Utrecht Science Park
die 12 keer per uur
rijdt met ellenlange trams van 12 bakken. Maar lijn 19 vervangt bus 69
(Delft NS - TU), die ook maar eens per kwartier rijdt. De
streeklijnen die nu TU Delft aandoen, blijven rijden.
Ik verlaat op deze vrijdag de campus met lijn 172
(RET) naar Rotterdam Alexander via Pijnacker. Die bus mag wel onder het
viaduct
door. Daar zie je de wat onheilspellende koepel van een
kernreactor. Bij nader inzien is het maar
goed, dat de tram er niet langs rijdt. Stel dar de atomen in dat ding
daardoor
op hol zouden slaan. We willen geen 2e Tsjernobyl!
Nou, ik ben heel nieuwsgierig naar het
eindresultaat van een
kwart eeuw gemodder. Hopelijk kunnen we ‘Eind goed, al goed’ zeggen.
Het komt
t.z.t. hieronder te staan.
Frans Mensonides
18 september 2026
Laatste aanvulling: 27 september 2026
Er geweest: vrijdag 21 augustus 2026

Buslijnen en tramlijnen op de TU Campus. Tram 19 in geel
‘Het bezit van de zaak is het einde van het
vermaak’. Dit
oud-Hollandse spreekwoord, dat je de laatste tijd niet vaak meer hoort,
slaat
voor wat mij betreft wel op de opening van het traject Delft NS – TU op
HTM-tramlijn
19. NB: voor de lange voorgeschiedenis, zie het stuk hierboven.
Jarenlang, 28 jaar om precies te zijn, heb ik
verlangend uitgekeken
naar mijn eerste rit op dit traject. Maar nu wil het toeval dat ik net
terug ben
van een lang weekend in Kassel in Duitsland. Die stad heeft een even
indrukwekkend aantal musea als tramlijnen.
Die laatste voeren naar plaatsen soms wel 25 km
buiten de
gemeentegrenzen, gedeeltelijk over opgelapte of nog volop in gebruik
zijnde
spoorlijnen. Ik heb 4 van die lijnen gedaan. Daardoor ben ik niet echt
onder de
indruk van een verlenging van het HTM- tramnet met 2400 meter; ook al
hebben ze
er dik een kwart eeuw over gedaan. 2400 meter, dat is de afstand vanaf
het
kruispunt Westvest / Zuidwal, waar de routes van tram 1 en 19 uiteen
gaan,
totaan de eindhalte Schoemakerstraat.
Dat stuk over Kassel, waar ook Citadis’en rijden,
hoopt nog voor
kerstmis 2026 te verschijnen; ik lig zwaar achter met schrijven, en
actualiteit
heeft voorrang.

Citadis in een heel andere omgeving, nl. in Zierenberg bij Kassel. Dit exemplaar rijdt op diesel.
Door dat uitstapje naar Duitsland kan ik lijn 19 niet doen
op de eerste dag van exploitatie, maandag 5 oktober. Wel volgde ik op
de – door
vertragingen geteisterde - terugreis uit Kassel, het nieuws uit de
Zuid-Hollandse universiteitsstad op de voet.
Onder studenten heerst opgetogenheid, in de eerste
plaats over het feit dat ze de tram nog
tijdens hun studietijd kunnen zien rijden; ze behoren tot de
uitverkorenen.
Even enthousiast is men over de ruimte in de trams; ze zijn veel minder
afgeladen dan de bussen op lijn 69 die ze vervangen.
De emeritus-professor Pieter Kruit heeft ervoor
gezorgd dat de trillingen en de
bovenleiding van de tram de instrumenten in de laboratoria niet kunnen
verstoren (zie dit artikel van Omroep West). Met valse bescheidenheid stelt hij
dat een eerstejaars-student natuurkunde het had kunnen bedenken. Maar
als dat zo was, was er niet wereldwijd meer dan een eeuw geworsteld
met het probleem.
In Leiden protesteerde in de jaren-1920 professor
Kamerlingh
Onnes van het naar hem genoemde laboratorium al tegen zwerfstromen die
hij
verwachtte van de Blauwe Tram. Die zou volgens plan de binnenstad
verlaten richting
Voorschoten via het Steenschuur en het van der Werfpark, pal langs het
lab. Er werd
een alternatief bedacht. De Korevaarstraat dankt er zijn bestaan aan.
Ik zie het nog wel eens gebeuren dat er van het
terrein van TU
Delft een ‘hyperloop’ vertrekt, die je binnen een half uur met Mach-1
naar de
Sorbonne in Parijs schiet, al verwacht ik dat zelf niet meer mee te
maken.
Ik ben dus pas op dinsdag 6 oktober ter plaatse,
en doe
midden op de middag een slag Leidschendam – TU v.v., met een fotorondje
over de
campus. Aan de voet van deze pagina een fotogalerij van alle haltes in
wegvolgorde.
De lijn is op deze dinsdag al bijna ingeburgerd,
alsof hij
er altijd al geweest is. Ik hoor er niemand meer over praten. En zie
hordes
studenten zich met evenveel plezier als vroeger in een streekbus naar
het
station wurmen, wanneer die eerder aan de halte verschijnen dan de
tram.
Vaak wordt er bij introductie van een tramlijn
grove kaalslag
gepleegd op het busnet. Maar hier is dat gelukkig niet gebeurd. De
streekbussen
bleven gehandhaafd, die plaatsen in de wijde omgeving met de campus
verbinden.
Dat zijn:
RET-lijn 40: Rotterdam Centraal – Overschie
– TU – Station Delft
RET-lijn 172: Rotterdam Alexander – Berkel – Pijnacker – TU – Station
Delft
EBS-lijn 455: Zoetermeer –
Pijnacker – Delfgauw – TU - Station Delft – De Lier
-Naaldwijk – ’s-Gravenzande.
Verder rijden de stadsbussen 60, 62 en 63 langs de
noordrand
van de campus, waar je de faculteit Bouwkunde vindt, een lommerrijk
parkje voor
lunchwandelingen, en zelfs een hortus botanicus die je bij een
technische
universiteit niet zou verwachten. Maar het is een ‘technische hortus’.
Als ik
zou willen weten, wat dat betekent, zou ik hem eens kunnen bezoeken;
hij is
opengesteld voor publiek.

Zoals hierboven al ergens gezegd, rijdt lijn 19
sinds gister
over het gehele traject, Leidschendam – TU Delft, in kwartierdienst.
Een rit
van begin- tot eindpunt duurt 3 kwartier. Het traject Delft NS- TU
wordt alleen
gereden op maandag t/m vrijdag van 7:00 – 19:00. Op andere tijdstippen
en dagen
komt bus 69 weer uit de garage.
Tram 19 rijdt niet met de Citadis’en die er tot
voor kort
reden, maar met Avenio’s. Opmerkelijk dat de introductie van de tram op
het
TU-terrein geleid heeft tot inzetten van trams met minder
zitplaatscapaciteit.
Zelfs AI weet niet, wat hiervan de reden is.
Feit is, dat de trams tussen Leidschendam en
Station Delft
nu minder leeg lijken dan gedurende de afgelopen 16 jaar. Maar dan toch
weer
leger zijn, omdat er nu 4 trams per uur rijden, en vroeger 3. Of trekt
het
passagiersaanbod juist aan nu er een acceptabele tramfrequentie geboden
wordt? Er
zal moeten worden afgewacht of deze lijn op het traject van
Leidschendam naar
station Delft ooit nog een succes wordt.
Lin 19 biedt weliswaar nieuwe rechtstreekse
verbindingen
naar de TU, maar die zie ik vandaag nog niet erg intensief gebruikt
worden. Aan
het eind van de middag raakt de tram die ik neem van de TU naar station
Delft toch
weer flink vol. Maar bij het station stapt vrijwel iedereen uit, en
blijft dus vrijwel
niemand zitten voor het vervolg van de rit.
Enfin, misschien is lijn 19 nu toch wel op weg
naar het
aantal van 16.000 dagelijkse reizigers dat rond de eeuwwisseling
geraamd werd.
Wat heeft die verlenging van die lijn met 2400
meter nu al
met al gekost? Een bedrag dat nog net met 8 cijfers geschreven kan
worden:
93.000.000 euro. Dat is bijna 40.000 euro per strekkende meter.
Was het al dat geld en al het gedoe nu eigenlijk
wel waard? Ach,
als ze het er niet voor hadden uitgegeven, was het toch allemaal maar
in asfalt
geïnvesteerd. Ik zeg toch, niet zonder aarzeling: Eind goed, al goed.
De haltes:

Zuidwal, aan de rand
van het Delftse centrum

Julianalaan

Aula

Mekelpark

Berlageweg

En het eindpunt
Schoemakerstraat
Frans Mensonides
11 oktober 2026
Laatste wijziging: 21 oktober 2026
Er geweest: dinsdag 6 oktober 2026
Ook in Amsterdam is er het nodige nieuws te melden
over de
tram. De IJtram, GVB-lijn 26 naar IJburg, is doorgetrokken naar een
voorlopig
nog onbebouwde zandvlakte, waar de bewoners straks meteen een tram voor
de deur
hebben. En sinds kort kun je maar liefst 18 keer per uur de tram nemen
van station
Amsterdam Zuid naar het centrum van Amstelveen, met lijnen 5, 6 en 25. Zie HIER
> > >
![]()