En hier dan het
overzicht van ‘Overige’ foto’s die in het jaar 2025 zijn verschenen op mijn
Thuispagina. Voor degenen die vandaag voor het eerst belanden op mijn website,
die al in zijn 30ste jaargang verkeert: een ‘Overige’ foto is er één waarop geen
openbaar vervoermiddel staat afgebeeld, noch iets wat in de verste verte te
maken heeft met OV. Het jaaroverzicht van foto’s die wél op het OV betrekking
hebben, is op oudejaarsavond al verschenen.
In 2025 heb ik ca. 6200 keer de ‘sluiter’ ingedrukt van mijn smartphone. Een
camera zeul ik al heel lang niet meer met me mee. Die duizenden foto’s hebben
geleid tot een kleine 900 JPG’s op mijn site, tegen vorig jaar ruim 1000; Ik heb geen idee,
hoe dat komt, deze matige productie. Ongeveer de helft van die 900 valt in de
categorie Overig.
De selectiecriteria
voor het jaaroverzicht zijn mijzelf ook niet altijd helemaal duidelijk. Meestal
kies ik een foto om de verblindende schoonheid ervan, maar ook wel omdat ik er
nog iets naders over kwijt wil.
Veel zijn er dit
jaar afkomstig van de vakantiereizen die ik afgelopen lente en zomer ondernomen
heb. 2400 van de 6200 foto’s op mijn telefoon zijn genomen
in het
buitenland. Het jaaroverzicht heeft daardoor dit keer een erg internationaal
karakter. Ik heb in 2025 in totaal 32 dagen ge-Interraild, en ben gesignaleerd
in België, Duitsland, Zwitserland, Italië, Denemarken en Oostenrijk, al heeft
niet elk van die landen een foto opgeleverd voor dit overzicht. In Nederland ben
ik nou juist meestal weer redelijk dicht bij huis gebleven; veel foto’s komen uit
de provincie Zuid-Holland.

De eerste foto is
echter genomen in Noord-Holland. Vrijwel iedere treinreiziger in dit land kent
Duivendrecht van het gelijknamige station op een kruispunt van 4 windstreken.
Velen denken dat dat station in Amsterdam ligt, en weinigen hebben ooit een
voet gezet in het dorp Duivendrecht, dat geen deel uitmaakt van de gemeente
Amsterdam. Ik besloot er vorige winter eens een kijkje te gaan nemen, en het
station te verlaten, in plaats van er alleen maar over te stappen.
Duivendrecht verkeert in de ijzeren wurgreep
van Amsterdam, waardoor het bijna geheel omringd wordt. Het ziet er ook uit als
een voortzetting van de hoofdstad, maar levert als je goed zoekt, toch nog een
paar landelijke plaatjes op.
Ik was hier op een tocht langs de wijzigingen in het spoorboekje van 2025. Een vergelijkbaar stuk ga ik in deze winter van 2026 niet schrijven; er is deze keer zo goed als niets veranderd.

Voor hetzelfde artikel over het
spoorboekje 2025 reisde ik naar Heerenveen, waar je je vanuit Leiden helaas niet
meer rechtstreeks met de trein kunt komen, evenmin als op andere stations in
het noorden des lands.
In Heerenveen nam ik
de bus naar Joure, om geen andere reden dan dat mijn vader er is geboren, 97
jaar geleden (maar er niet langer heeft doorgebracht dan zijn zuigelingentijd).
Een tocht met een Vatersuche-motiv, om er een literaire term tegenaan te gooien,
want ik weet erg weinig over de jeugd van mijn vader. Een vergeefse zoektocht,
dat wist ik vooraf al, maar ik vond wel dit mooie, originele Skûtsje. Ook
maakte ik alvast in januari de Midwinterfoto van het jaar.
Ik had het in dat
hoofdstuk ook over het gelegenheidsstation Heerenveen IJsstadion naast ‘Thialf’.
Het station was in 2015 buiten dienst gesteld. Inmiddels is bekend geworden,
dat het aan het eind van deze winter weer 2 keer op proef open zal gaan op
dagen dat er een veel bezocht schaatstoernooi is in Thialf.
Het was dus nog niet
open bij het OKT van vorige week, het Olympisch Kwalificatie Toernooi. Dat was een
fascinerend kijkspel dat ik 5 dagen lang gevolgd heb op tv. Het is het
belangrijkste toernooi in 4 jaar tijd, afgezien van de Olympische Spelen zelf. De
spanning giert door ieders strot en er zijn altijd grote verrassingen.
Maar op één ding kun
je de klok gelijk zetten. Je kunt het met wiskundige zekerheid voorspellen: er
komt gegarandeerd stront over het definitieve lijstje van geselecteerde mannen
en vrouwen voor de Spelen. Ook dit keer werden we daar niet in teleurgesteld:
de rapen zijn ook nu weer alom gaar in de schaatswereld. Dat komt doordat we
gewoon veel te veel goeie schaats(st)ers hebben in dit land; feitelijk is het
een luxeprobleem.
Dit terzijde, deze
uitweiding binnen een uitweiding. Verder in het foto-overzicht met 3 foto’s uit
eigen provincie.
Nog steeds in het kader van dat spoorboekjesstuk zette ik ‘Van
Nelle’ op de foto. Het hagelwitte hoofdkwartier van die firma, die deed in
koffie, thee en tabak, is gerealiseerd in de periode 1927-1930. Het is een van
de bekendste monumenten uit het tijdperk van het Nieuwe Bouwen, ofwel de Nieuwe
Zakelijkheid.
Het staat aan de Delfshavense Schie in Rotterdam, op een
steenworp van de Spoorbrug Delfshavense Schie. Aan de andere kant van die brug
moet uiterlijk in 2040 het spoorwegstation Rotterdam-van Nelle komen.

Veel foto’s in dit
overzicht van Overigen zijn toch bijvangst
bij artikelen die ik in de eerste plaats geschreven heb over het
openbaar vervoer. Dat geldt ook voor dit dorpse tafereel uit Moordrecht bij
Gouda, waar de perikelen rond Qbuzz ZHN (Zuid-Holland Noord) me heengelokt
hadden.
‘Driving home for
stamppot’, zag ik onderweg ergens op een muur geschreven staan, en dat is
precies wat je wilt doen in een knus dorp als Moordrecht.
De ‘Koopgoot’ van
Rotterdam bij avond.
En dan: Italië, vroeg
in het voorjaar. Ik deed een paar dagen Milaan, een paar Florence, en een
dagtocht naar Pisa. 3 geheel verschillende vakantie-ervaringen. In Milaan was
ik nog nooit eerder geweest. ik was er vooral heen gelokt door vintage-trams
van bijna 100 jaar oud die nog steeds een deel van het stadsvervoer uitvoeren. Een
heel leuke stad.
In Florence was ik
wel eerder geweest, en wel in 1973, als 16-jarige, met de school op Romereis; 9
dagen in de Stad van de 7 heuvelen, met een toegift van 5 dagen in Florence. Ik schreef dat die
reis een van de schaarse hoogtepunten was van mijn schooltijd, en tevens het
begin van het einde ervan.
Ik verbaasde me er
in Florence over dat ik me nog zoveel details kon herinneren van een reis van
meer dan een half mensenleven geleden. Komend voorjaar ben ik van plan, ook
Rome opnieuw te bezoeken.
Pisa is zo’n stad
waar je een déjà-vu ervaring krijgt als je er voor het eerst komt. Die scheve
toren heb je al honderden keren gezien op foto’s en in films. Zie je hem dan
voor het eerst in werkelijkheid, dan lijkt hij juist helemaal niet echt; heel
vervreemdend.
Op de foto de weelderige winkelpassage in het hart van
Milaan, tussen de Dom en de Scala in. Het is de Galleria Vittorio Emanuele II,
genoemd naar de koning van Italië die van 1861 tot 1878 op de troon zat van het
toen pas verenigde land.
Blik op Florence van
boven, vanaf de heuvel op de top waarvan de basiliek en het klooster San
Miniato al Monte staan. In 1973 gingen we erheen per bus, maar in 2025, als
senior, beklom ik hem te voet. Het voelde als een bedevaart, zij het van een
goddeloze.

Ponte Vecchio, de Oude Brug van Florence, met zijn
winkeltjes in bling-bling en andere dingen.

Die befaamde toren van Pisa. Hij staat echt hartstikke scheef. En het is ook
echt zo dat toeristen er foto’s maken waarop het net lijkt alsof ze de toren
met hun handen behoeden voor omvallen. Het is geen fabeltje; ik zie het nu met
eigen ogen. Het is niet erg origineel, maar schijnt dolle pret te veroorzaken.
Even terug in eigen land, en weer eens een stukje Veluwe op
de OV-fiets. Van Harderwijk peddelde ik naar Leuvenum langs het Hulshorster Zand.
Weinheim in de
buurt van Heidelberg en Mannheim, een stad met sterke hoogteverschillen


Misschien niet zulke
bijzondere foto’s, maar wel ex-aequo de meest noordelijke 2 foto’s die ooit op
mijn site zijn verschenen (57°, 45’ N.B). Ik sta hier bij Skagen op het
uiterste noordelijke puntje van Denemarken. Op de bovenste foto het Skagerrak,
onder het Kattegat.
Wat je hier moet
zien, zag ik niet helemaal, maar op de foto’s wel iets duidelijker dan in werkelijkheid: het water
van het Skagerrak is groenig, en dat van het Kattegat blauwig van tint.
In Wenen zal ik
over een paar maanden wel zien waarover Weners liever niet praten, nl. dat het
zijkanaal van de Schöne Blaue Donau dat door de binnenstad stroomt, knal- en
knalgroen is.

Waar heb ik deze
zeemeermin eerder gezien? In 2024 in Kopenhagen. Maar deze foto heb ik
niet gemaakt in Denemarken maar in Zevenbergen, Noord-Brabant.

Op de terugweg uit
Denemarken bracht ik een nacht door in Bremen. Op de foto het meest sfeervolle gedeelte
van die stad, het oude buurtje Schnoor.
Hier dan Wenen,
op mijn
laatste internationale reis in 2025. Het weelderige slot Belvedere, met
die sfinx (door mij perspectivisch opgeblazen tot monsterlijke
proporties) is maar een
schamel optrekje, vergeleken met Slot Schönbrunn.

Een heel aparte vogel, de schilder
en architect Friedensreich Regentag Dunkelbunt Hundertwasser.
Zijn bouwkundige creaties zijn even opvallend als de man zelf was, maar niet erg praktisch.
Standbeeld op het Heldenplein van aartshertog Karl von
Österreich-Teschen. De beeldhouwer was Anton Dominik, ritter von Fernkorn. Ik
keek ernaar met verbijstering en bewondering: hoe kan zo’n beeld blijven staan,
alleen maar op de achterbenen van het paard?
De beeldhouwer was mogelijk iemand bij wie het genie aan de
waanzin grensde. Hij raakte in psychische moeilijkheden en zou zijn prestatie nooit
meer evenaren.

En opnieuw terug in Nederland, voor een lange, donkere kille
herfst en winter. Wanneer ga ik eens overwinteren in Spanje, of zo? Ook daar
kun je heen met Interrail, Barcelona, daar kom je in 2 dagen. Maar tot nu toe
kan ik The Three Dog Night nazingen: ‘Never been to Spain’.
Wel in de herfst een dagtocht gedaan naar Zaltbommel. De
Waterjongen van Marcel Smink wijst aan hoe hoog de waterkering is die in geval
van nood kan worden aangebracht in de Waal.
7 september 2025,
20:59: maansverduistering boven Leiden, en boven de halve wereld. Voor wie het
wil weten: ik sta op het Lammenschansplein. De totaliteitsfase is net
afgelopen, en de voor 90% verduisterde maan harmonieert, al zeg ik het zelf,
aardig met het volle licht van 2 straatlantaarns en een groen verkeerslicht.
Raar dat een
maansverduistering tegenwoordig ineens een ‘bloedmaan’ heet. De rode gloed over
het verduisterde gedeelte van onze satelliet, duidelijk te zien op de foto,
komt door zonlicht dat wordt afgebogen door de atmosfeer van de aarde. Er is
niets bloedigs aan.
De Ringkade in de polder Rijnenburg, ten zuiden van de Meern
in de gemeente Utrecht. Hoe landelijk! Maar Rijnenburg wordt in de jaren '30
misschien de grootste nieuwbouwlocatie van Nederland.

Radeloos, reddeloos,
redeloos, zo was de stemming in het Rampjaar, 1672. Maar ook opnieuw in de 20’s
van de 21e eeuw, tot nu toe: kabinetscrises, één-verkiezingswonders, een dubbel-demissionair
kabinet, een land dat al sinds corona nauwelijks meer geregeerd wordt.
We mochten weer eens
een keertje naar de stembus. Woensdag 29 oktober was de langverbeide dag. Ik
fotografeerde het stemvee in de avondschemering bij het BOP
(Buurtontmoetingspunt) aan de Herenstraat in Leiden.
Ik schijn zelf bij die verkiezing iets gemist te hebben.
Volgens commentatoren op X hebben we en masse gestemd voor een rechts kabinet.
En ik maar denken dat we, zoals gewoonlijk, alleen mochten kiezen voor een
kandidaat voor de Tweede Kamer, en niet voor een regering. Mogelijk heb ik het
desbetreffende vakje over het hoofd gezien op het papier in A0 formaat dat ik
kreeg uitgereikt bij het stembureau (een ander dan dat op de foto).
In maart mogen we alweer naar de stembus, maar dan voor de
gemeenteraad.
De Domtoren van
Utrecht, weer in volle glorie na 6 jaar in de steigers gestaan te hebben.
In januari al geschoten in De Jouwer, en in december
gepromoveerd tot Midwintergroet. Kale bomen, deze keer, bij gebrek aan sneeuw,
die echter in de eerste week van 2026 overvloedig zou vallen. Zal misschien wel
aardige plaatjes opleveren voor het jaaroverzicht van dit jaar.
Frans Mensonides
7 januari 2026
© Frans Mensonides, Leiden, 2026